Steeds meer diensten van de overheid zijn online toegankelijk. Het gebruik door de burger laat nog te wensen over. Dat zijn enkele conclusies naar aanleiding van de achtste eGovernment Benchmark.

eGovernment Benchmark
Het onderzoek eGovernment Benchmark wordt sinds 2001 jaarlijks in opdracht van de Europese Commissie uitgevoerd. De onderzoekers hebben dit jaar 14.000 overheidssites in 31 landen (27 EU landen en IJsland, Noorwegen, Zwitserland en Kroatië) geanalyseerd.

Koplopers
Oostenrijk, Malta, het Verenigd Koninkrijk en Zweden zijn de landen waar de meeste overheidsdiensten, uitgaande van 20 basisdiensten, via internet toegankelijk zijn. Nederland staat op de 14de plaats. Polen en Litouwen hebben een forse inhaalslag gemaakt.

Online beschikbaarheid van diensten
Was in 2007 nog 59% van de overheidsdiensten online beschikbaar, in 2009 is dat toegenomen tot 71%. Daarbij is tevens de functionaliteit van de diensten verbeterd.

Het belang van een e-overheidsstrategie
Landen die het hoogst scoren hebben met elkaar gemeen dat de top van de organisatie de ontwikkelingen steunt. In deze landen verschuift de aandacht van de beschikbaarheid van online diensten naar het gebruik en het effect van de online dienstverlening.

Gewenste verbeteringen
Een grotere gebruikersvriendelijkheid, meer toepassing van web 2.0 technieken en sociale netwerken, een betere toegang voor ‘kwetsbare groepen’ en meer mogelijkheden om online te reageren, zijn als verbeterpunten uit het onderzoek naar voren gekomen. Door deze verbeteringen door te voeren zal het gebruik van de online diensten verder worden gestimuleerd.

Nederland als voorbeeld
Nederland en Estland worden genoemd als landen die het goede voorbeeld geven met betrekking tot de personalisatie van online dienstverlening.

Bron: bericht op Automatiseringsgids.nl, 20 november 2009
‘Gebruik e-diensten overheid blijft achter’, door Geert Kelfkens