- Home »
- White papers »
- Uitgebreide dataretentieplicht voor telecomaanbieders en internetproviders (1)
- Home »
- Technology management »
- Uitgebreide dataretentieplicht voor telecomaanbieders en internetproviders (1)
- Home »
- Operations management »
- Nieuwe kanalen »
- Uitgebreide dataretentieplicht voor telecomaanbieders en internetproviders (1)
- Home »
- Channel management »
- Bestaande kanalen »
- Uitgebreide dataretentieplicht voor telecomaanbieders en internetproviders (1)
Uitgebreide dataretentieplicht voor telecomaanbieders en internetproviders (1)
- Door: Frans Plat
- Gepubliceerd: 13-12-2009
- Bekeken: 540 keer
Als onderdeel van de nieuwe Telecommunicatiewet is ook de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens van kracht geworden. De wet is een uitvloeisel van de Europese Richtlijn Dataretentie. De wet vergroot de mogelijkheden van digitaal sporen onderzoek bij de bestrijding van terrorisme en andere criminaliteit. Voor telecomaanbieders en internetproviders kan de uitbreiding van de wet tot forse infrastructurele aanpassingen leiden.
Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens
Per 1 september 2009 is in Nederland de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens van kracht geworden. Deze wet is opgenomen in de (nieuwe) Telecommunicatiewet en het Wetboek van strafvordering. Het Agentschap Telecom houdt toezicht op de naleving van de wet. Bij overtreding van de wet kunnen boetes tot maximaal € 450.000 worden opgelegd en kan tot strafvervolging worden overgegaan.
De wet is een uitvloeisel van de Europese Richtlijn inzake de bewaarplicht ten aanzien van telecomgegevens, ook wel de ‘Richtlijn Dataretentie’ genoemd. Aanleiding voor de Richtlijn waren in 2004 de aanslagen in Madrid. Duidelijk werd dat voor onderzoek en vervolging, bij terrorisme en andere vormen van criminaliteit, snelle toegang tot telecommunicatie gegevens noodzakelijk is.
Gegevens van telecom- en internetproviders
Onder de vorige Telecommunicatiewet waren telecomaanbieders sinds 2004 al verplicht om naam, adres en woonplaats gegevens van gebruikers aan te leveren aan de CIOT, het Centraal Informatiepunt Onderzoek Telecommunicatie. Elke 24 uur worden deze gegevens automatisch centraal opgeslagen. Via het CIOT worden de gegevens aan opsporingsdiensten ter beschikking gesteld. Daarnaast kunnen bij de telecomaanbieders verkeersgegevens opgevraagd worden. Ook kan de overheid gebruik maken van ‘taps’, het opnemen van telecommunicatie. Wetgeving ten aanzien van de Taps wordt echter via andere wetgeving dan de Richtlijn Dataretentie geregeld.
Per 2006 zijn ook de internetproviders verplicht om naam, adres en woonplaats gegevens van gebruikers aan de CIOT aan te leveren. Voor internetproviders is nu ook, net als voor de telecomproviders, per 1 september 2009 het bewaren en leveren van verkeersgegevens verplicht geworden.
Gegevens en bewaartermijn
Telecomaanbieders en internetproviders dienen gegevens te bewaren over de gebruiker, de bron, de bestemming, de datum, de lokatie, het tijdstip, de duur van de communicatie en de (vermoedelijk) gebruikte apparatuur. De gegevens betreffen alle oproepen, de geslaagde en niet geslaagde oproepen, de afgebroken afroepen, alle emails (inclusief spam), sms, mms, de internettoegang (xdsl, kabel en mobiel) en het gebruik van vaste, mobiele en IP/VoIP telefonie.
Vooralsnog moeten telecomgegevens en internetgegevens 12 maanden bewaard worden. Een wetswijziging, waarbij de bewaartermijn van internetgegevens verkort wordt tot 6 maanden, is in voorbereiding.
Bron: ‘Dataretentie: waarom, wie, wat en hoe?, Een Nederlandse situatieschets’, White Paper, Novion Group, onderdeel van de Lawrence Wellingham Group, november 2009.
Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens
Per 1 september 2009 is in Nederland de Wet bewaarplicht telecommunicatiegegevens van kracht geworden. Deze wet is opgenomen in de (nieuwe) Telecommunicatiewet en het Wetboek van strafvordering. Het Agentschap Telecom houdt toezicht op de naleving van de wet. Bij overtreding van de wet kunnen boetes tot maximaal € 450.000 worden opgelegd en kan tot strafvervolging worden overgegaan.
De wet is een uitvloeisel van de Europese Richtlijn inzake de bewaarplicht ten aanzien van telecomgegevens, ook wel de ‘Richtlijn Dataretentie’ genoemd. Aanleiding voor de Richtlijn waren in 2004 de aanslagen in Madrid. Duidelijk werd dat voor onderzoek en vervolging, bij terrorisme en andere vormen van criminaliteit, snelle toegang tot telecommunicatie gegevens noodzakelijk is.
Gegevens van telecom- en internetproviders
Onder de vorige Telecommunicatiewet waren telecomaanbieders sinds 2004 al verplicht om naam, adres en woonplaats gegevens van gebruikers aan te leveren aan de CIOT, het Centraal Informatiepunt Onderzoek Telecommunicatie. Elke 24 uur worden deze gegevens automatisch centraal opgeslagen. Via het CIOT worden de gegevens aan opsporingsdiensten ter beschikking gesteld. Daarnaast kunnen bij de telecomaanbieders verkeersgegevens opgevraagd worden. Ook kan de overheid gebruik maken van ‘taps’, het opnemen van telecommunicatie. Wetgeving ten aanzien van de Taps wordt echter via andere wetgeving dan de Richtlijn Dataretentie geregeld.
Per 2006 zijn ook de internetproviders verplicht om naam, adres en woonplaats gegevens van gebruikers aan de CIOT aan te leveren. Voor internetproviders is nu ook, net als voor de telecomproviders, per 1 september 2009 het bewaren en leveren van verkeersgegevens verplicht geworden.
Gegevens en bewaartermijn
Telecomaanbieders en internetproviders dienen gegevens te bewaren over de gebruiker, de bron, de bestemming, de datum, de lokatie, het tijdstip, de duur van de communicatie en de (vermoedelijk) gebruikte apparatuur. De gegevens betreffen alle oproepen, de geslaagde en niet geslaagde oproepen, de afgebroken afroepen, alle emails (inclusief spam), sms, mms, de internettoegang (xdsl, kabel en mobiel) en het gebruik van vaste, mobiele en IP/VoIP telefonie.
Vooralsnog moeten telecomgegevens en internetgegevens 12 maanden bewaard worden. Een wetswijziging, waarbij de bewaartermijn van internetgegevens verkort wordt tot 6 maanden, is in voorbereiding.
Bron: ‘Dataretentie: waarom, wie, wat en hoe?, Een Nederlandse situatieschets’, White Paper, Novion Group, onderdeel van de Lawrence Wellingham Group, november 2009.


















